De druiven groeien op een oude rivierbedding en is daardoor rijk aan zand, gravel en mergel, bedekt met een lichte, waterdoorlatende kalksteenlaag. Deze warme, kalkrijke bodem geeft de wijn zijn levendige zuren.
Na de oogst worden de druiven met hele trossen zacht en langzaam geperst, waarna het sap vergist met behulp van de natuurlijke gisten. De wijn rijpt gedurende een jaar op de lies, wat hem zachter en ronder maakt. Uitnodigend in de neus met aroma’s van kweepeer en sinaasappel, hazelnoot en grafiet. Zacht en heerlijk rond in de mond, met levendige zuren en een mooie zilte mineraliteit.










